OTK - Oostrozebeekse Transplantkring

Transplantatie heeft niets te maken met techniek of kosten maar met ethiek
Het gaat hier om de enige tak van de gezondheidszorg waar
niets kan worden verwezenlijkt zonder de medewerking van het publiek

- Arthur Kaplan -

Levertransplantatie 2000 en 2004

Door Ann Verkinderen

Op 5 maart 2004 om 22.00 uur komt het verlossende telefoontje. Al wat ik bij de eerste transplantatie beleefd heb, wordt terug mijn deel. Van alles schiet door mijn hoofd maar met een goed gevoel, een dosis optimisme en een onverwoestbaar vertrouwen wacht ik het moment van de operatie af. Tal van toekomstplannen spelen al door mijn hoofd: misschien een mooie vakantie aan zee met ons allen? Een groot feest voor mijn 40ste verjaardag? Verbouwingen? Een mooie reis met ons tweetje? … Zelfs nu voel ik mij een gelukkig mens: zoveel fijne mensen die ik ken, zo’n prachtig gezin waar we elkaar begrijpen en tijd hebben voor elkaar. Bij ons is er wel altijd iets te beleven en is iedereen welkom. Zou ik zonder al die gezondheidsproblemen die dingen ook zo weten te waarderen hebben?

Om 7.15 uur ’s morgens geeft Dr. Aerts het signaal dat de operatie kan starten en nog geen tien tellen later vertoef ik reeds in het ongewisse…

Zaterdagavond rond 17.15 uur ontwaak ik op Intensive Care. Het eerste wat ik kan denken: ik heb geen pijn maar wat doen die witte tubes op mijn mond hier? Nogal vlug besef ik dat het de beademing is. Rond 20.00 uur vragen ze me om te proberen rustig, zelfstandig te ademen, en dat verloopt zonder problemen. Zo’n half uurtje later komt Dirk me voor de 1e maal bezoeken. Veel praat komt er niet uit, maar ik kan mijn tevredenheid toch duidelijk overbrengen. Ik blijf op Intensieve tot maandagavond, voortdurend in een slaap-waak toestand. Prof Nevens komt even langs. Hij zegt niets. Ik kan niets zeggen, maar zijn blik was heel aanmoedigend en hoopvol. En ik had de boodschap begrepen: eindelijk hebben we je dan toch kunnen helpen. Telkens val ik in slaap en denk ik uren aanéén geslapen te hebben en dan blijkt het amper een 2 à 3 minuutjes te zijn. Droom ik nu dat ik getransplanteerd ben, of is het echt? Herhaaldelijk nijp ik mezelf in de arm om eventueel uit de droom te ontwaken. Nog steeds ben ik bang voor een ontgoocheling dat de transplantatie niet zou doorgegaan zijn. Eénmaal terug op de kamer, weet ik dat de transplantatie realiteit is en dat alles prima verlopen is.

Na 8 dagen beleef ik ’s nachts een fantastische ervaring: ik droom van mijn donor, maar kan er geen gezicht bij zien. Het is een heel positieve, blije ervaring. Een gevoel alsof de donor bij mij komt en we er samen in de toekomst iets moois zullen van maken. Die nacht beloofde ik dat we samen van alles zouden beleven en genieten van heel veel vreugdevolle momenten. Ook kreeg ik het gevoel nooit meer alleen te zijn, maar voortaan met zijn tweeën verder door het leven te gaan, nog sterker gewapend dan vroeger.

12 dagen na de operatie kan ik Gasthuisberg verlaten. Ik ben gaan beseffen hoeveel mensen me nauw aan het hart liggen en me gesteund hebben met hun meeleven, warmte en genegenheid. Bedankt voor alles !!!

Terug naar overzicht getuigenissen